dinsdag 27 mei 2008


IN NL BESCHERMDE SOORTEN

(WETGEVINGEN)

N.a.v. de onlangs bijna bedreigde Orchissen in het Bossche Westerpark had ik een tijdje geleden al eens flink zitten spitten in de wetgeving hier omtrent.
Al snel kwam ik uit bij het Ministerie van LNV (LNV staat voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (ik had verwacht dat de V zou staan voor Visserij maar nee dus).

Alle info die je zoekt staat online maar die website van dat Ministerie vond ik een regelrechte ramp. Zelfs met de ZOEK FUNCTIE en de SITEMAP vond ik nog niet wat ik zocht.

Ook had ik i.v.m. die Orchissen contact gezocht met een beleidsmedewerker van de Brabantse Milieu Federatie en die stuurde me onlangs per email een aantal PDF brochures.

Ik ben nog eens naar die site geweest en na meer dan een uur zoeken (ik vind mezelf toch wel een ervaren surfer) heb ik hun lijst met brochures, handreikingen en ander materiaal gevonden.

Ik heb meteen ook maar gekeken naar de wetgeving betreffende de jacht omdat ik het onlangs ook nog had over de plannen om de jacht op Vossen in de Gement bij Vught weer toe te laten.

Hier een aantal rechtstreekse links naar die PDF files (als je erop klikt krijg je meteen het venstertje met de keuze "OPENEN" of "OPSLAAN".

Brochure over de Flora- en Faunawet in de praktijk. Deze is bedoeld voor iedereen die buiten aan het werk gaat op plaatsen waar zich mogelijk beschermde planten of dieren bevinden, zoals wegenbouwers. Publicatie datum: 14 april 2005
http://www.minlnv.nl/cdlpub/servlet/CDLServlet?p_file_id=14765

Ter bescherming van onvervangbare flora en fauna. Publicatie datum: 27 maart 2002
http://www.minlnv.nl/cdlpub/servlet/CDLServlet?p_file_id=14900

Ondernemen en flora en fauna. Publicatie datum: 01 maart 2003
http://www.minlnv.nl/cdlpub/servlet/CDLServlet?p_file_id=14914

Jacht en beheer en schadebestrijding. Publicatie datum: 01 april 2002
Deze folder gaat in op de gevolgen van de Flora- en faunawet voor het uitoefenen van jacht en beheer en schadebestrijding.

http://www.minlnv.nl/cdlpub/servlet/CDLServlet?p_file_id=14736

Lijst van alle soorten beschermd onder de Flora- en faunawet. Publicatie datum: 16 juni 2005.
Tabellen met alle beschermde soorten van de Flora- en faunawet (Ffwet). De tabellen zijn onder andere nodig bij ontheffingverlening voor artikel 75 van die wet.
http://www.minlnv.nl/cdlpub/servlet/CDLServlet?p_file_id=14091

Dat het ooit nog eens zo ver zou komen dat ik me in wetgeving ging verdiepen had ik van mezelf niet verwacht.

Zo zie je maar, hoe een Haas een Koe vangt :)

Hier in ieder geval rechtstreekse links naar de onderwerpen die ik de laatste tijd op de blog aankaartte.

REIGER IN DE STARTBLOKKEN


Hier nog een foto van An, gemaakt in of nabij Schagen.

Het gaat op deze foto om de Reiger aan de overkant van het slootje. Die schrok van de voorbij komende fotografe en maakt aanstalten om weg te vliegen.

De houding die ze daarbij aannemen vond ik de meerwaarde van het plaatsen van een 2e foto van een Reiger. Want zoals wel meer mensen begin ik een hekel aan die beesten te krijgen. Niet vanwege de diersoort zelf maar door zijn vermenselijkte gedrag van de laatste decennia.

Op de voorgrond, in de sloot, een paartje Wilde Eenden, rechts het mannetje (de Woerd) en links, de bruine, het vrouwtje.


KAUW


Blijkbatar bestaan ze nog, Kauwen die in de natuur hun kostje bij elkaar zoeken, zeg maar gerust roven. Deze werd door An voor haar lens getroffen ergens in of bij Schagen.

Iedereen kent ze wel uit de stad waar ze andere vogels en zelfs wel eens Katten pesten en lastig vallen. Soms terrorizeren ze zelfs in grote groepen mensen met veel geluidsoverlast, en ze zijn ook hondsbrutaal.

Soms haalt dat zelfs de lokale politiek en levert dan haast lachwekkende verhalen op, zie
http://www.ad.nl/groenehart/2250267/De_bouwvakker_onder_de_vogels.html

Vroeger werden Kauwen nog wel als huisdieren gehouden. Niet in een kooi want dan schijnen ze weg te kwijnen. Maar als je ermee begint als ze nog jong zijn en enige vrijheid gunt zijn ze tam te maken. Anno nu is dat streng verboden.

Ik heb dat als klein jochie gezien. Ik mocht wel eens met mijn vader mee naar iemand die een tamme Kauw had in een grote schuur. Die kon zelfs praten hoewel je je daar niet al teveel bij moet voorstellen. Hun woordenschat beperkt zich tot enkele woorden.

De eigenaar vertelde dat ie em als jonkie uit een nest had gehaald en dat ze ook in gevangenschap best oud kunnen worden en echt aan hun eigenaar gaan hechten. De Kauw zat meestal op een balk hoog in de schuur maar als er mensen binnenkwamen kwam ie naar je toe. Vaak stonden de deuren van de schuur open dus als ie gewild had had ie zo de vrijheid kunnen kiezen maar tot mijn verbazing deed ie dat niet.

Vandaar dat ik het ook niet echt dierenmishandeling kan noemen, maar onnatuurlijk is het wel maar als je daar eenmaal over gaat nadenken, dan is er zoveel onnatuurlijks.

Nog een 'gebruik' van Kaauwen door mensen dat ik me uit mijn jeugd herinner is dat er wel eens een dooie Kauw met een touwtje aan een vogelverschrikker werd gehangen ter afschrikking van andere vogels. Maar net als de stropoppen zelf werkte dat voor geen meter, dat zag ik als jochie al.

En hier nog een anecdote waarbij je je kan afvragen of het dierenleed is of natuurlijk gedrag. Een verhaal uit 2e hand, van mijn zus gehoord. Enkele jaren geleden had een groep Kauwen ontdekt (blijkbaar leren ze van elkaar) dat er aan jonge Schapen lammetjes die in het voorjaar in de wei liepen iets te halen viel.

Lees niet verder als je een gevoelig type bent want wat gebeurde er ? Een Kauw landde op de schouder of nek van een Lammetje en pikte het dier een oog uit. Dit haalde zelfs het nieuws in de kranten in West Brabant en iedereen reageerde verontwaardigd want het was niet 1 Kauw die dat deed, het werden er steeds meer die dat deden. Krantenlezers stuurden er zelfs ingezonden brieven over in.

Erg pijnlijk voor het lammetje en vervelend voor de boer, maar eigenlijk is het vrij natuurlijk gedrag, meer dan dat van Kauwen in de stad die mensenvoedsel bij elkaar scharrelen.

En wat Kaauwen in steden ook wel doen las ik ergens online (en daar kan ik toch wel om lachen) is dat ze van platte daken met hun bek kiezelstenen oppikken en die op nabij geparkeerde auto's laten vallen.

En tot slot nog 1 ding: net als Eksters (waarvan je er ook steeds meer ziet in steden en die soortelijk gedrag hebben) zijn Kauwen dol op alles wat glimt of blinkt (vandaar misschien ook die ogenpikkerij ?). Als ze de kans zien stelen ze zoiets en nemen het mee naar hun nest.

Een andere Nederlandstalige naam voor de Kauw is Torenkraai maar die naam wordt amper meer gebruikt. De Latijns-wetenschappelijke naam van deze Kraaiachtige is Corvus Monedula.

maandag 26 mei 2008


HOLTE IN STAM VAN WILG


Altijd fascinerend en fraai om te zien, gaten in boomstammen.

Naar de oorzaak is het gissen, althans voor mij.

Ik denk dat het een restant is van een afgezaagde of afgeknipte tak waarvan de wond niet (of niet goed) is behandeld en de lichtergekleurde randen rondom het gat een soort littekenvorming is en het gat zelf het gevolg van rot.

Die rotting kan ik me ook wel iets bij voorstellen want afgaand op de bladeren is het een Wilg (Waterwilg ?) en die hebben erg zacht en slap hout.

RAAR GEBOGEN BOOMTAKKEN

(Deel 3: de bladeren, soort: Es)


De bladeren van dezelfde boom van de vorige 2 foto's. Daaruit maak ik op dat het een Es is. Waarschijnlijk de Gewone Es.

Gewone Es = Fraxinus Excelsior.

RAAR GEBOGEN BOOMTAKKEN

(Deel 2)


Zoals reeds aangekondigd in het vorige bericht, een meer closeup foto van dezelfde boom.

An vroeg me welk soort boom dit zou kunnen zijn maar bij bomen reikt mijn kunnen bepalen van soorten zich slechts op de bladeren als beste middel ter determinatie.

Dus vroeg ik om een extra foto en dat is de volgende.

RAAR GEBOGEN BOOMTAKKEN

(Deel 1)



Vandaag weer een aantal foto's van An, allemaal van bomen in Schagen met een bijzonder uiterlijk.

Waar in Schagen ze staan weet ik niet of is me ontgaan.

Deze boom heeft heel rare gebogen groeiende takken, het lijkt haast wel alsof ze een nocht rondom de stam maken.

Op de volgende foto is het nog beter te zien in closeup.

zondag 25 mei 2008


LINDE BOMEN Deel 3:

(closeup bloesems)


Met de hulp van die vriend bij wie ik op bezoek was kon een takje uit de boom getrokken worden waaraan bloesems zitten.

Op de tuintafel van die vriend kon ik er daarna deze closeup van maken. De eigenlijke bloesems zijn die lichter gekleurde langwerpige blaadjes waar een klein takje uitkomt met aan het uiteinde een aantal bolletjes die het begin van het zaad zijn.

Van de gedroogde bloesems kan thee gemaakt worden die rustgevend zo niet slaapwerkend is. Die thee is ook te koop en wordt vooral in Frankrijk gedronken en daar wordt ie Tilleul genoemd. Het eerste deel van die naam is vast afgeleid van Tilia.

Ze ruiken ook heel erg naar de vele nectar die er in zit, bijen zijn er dol op en de Honing die zij er van maken staat bekend als 1 van de beste Honing soorten die er bestaan.

LINDE BOMEN Deel 2:

(in kroon hangende bloesems)


In een andere Linde boom op hetzelfde grasveldje zag ik al deze bloesems in de kroon hangen.

Dat zijn die lichtere kleur, langwerpige naar beneden hangende blaadjes.

LINDE BOMEN Deel 1:

(bladeren aan voet van stam)


Op het grasveld aan de Weidonklaan staan diverse Linde bomen.

Vorige weekend had ik het al over het feit dat diverse soorten bomen bladeren aan hun stam hebben en ik noemde toen Lindes die ze letterlijk aan de voet van de stam hebben, waarvan hierbij acte.

Welk soort Linde dit is weet ik niet met zekerheid maar de geslachtsnaam van Linde is Tilia.

Er bestaan 2 autochtone soorten die ook al bij de Germaanse volkeren een belangrijke rol speelden:

- De Winterlinde (of Kleinbladige) die dus kleine bladeren heeft (maar HOE klein weet ik niet), en die relatief weinig voorkomt.
- De Zomerlinde (of Grootbladige) die, (je begrijpt het al) grotere bladeren heeft.

Dan is er ook nog een kruising tussen die 2 (een cultivar dus) die de Hollandse Linde maar ook wel Europese of Koningslinde wordt genoemd en verder nog de Zilverlinde maar die komt van origine uit zuidelijker regionen van Europa.

Met name die Hollandse Lindes worden in steden veel aangeplant en die zijn ook het bekendst vanwege de vele bladeren aan de voet van hun stam, dus dat is waarschijnlijk deze op de foto.

ALWEER EEN ZWEEFVLIEG (?)

(Deel 2)



Hierbij nogmaals hetzelfde beest maar dan van dichterbij.

Zoals reeds aangekondigd en de kwaliteit van de originele foto (de foto in het vorige bericht was daar een verkleining van) liet deze mate van inzoomen toe.

Ik daag hierbij Insekten fanaten uit om via een reactie hieronder te melden welk soort insekt dit is.

ALWEER EEN ZWEEFVLIEG (?)

(Deel 1)


Altijd als ik in de wijk Deuteren ben wil ik altijd ff kijken langs het watertje tussen de Weidonklaan en de Vlijmense Weg. Ook afgelopen woensdagmiddag 21 mei weer.

Op het grasveld langs de Weidonklaan staan een aantal mooie Lindebomen en daar kom ik later vandaag op terug in aparte berichten. Ik koekeloer altijd graag langs slootkanten, vooral als de sloten een natuurlijke indruk maken.

Ditmaal kwam ik niet eens toe aan "plantjes kijken" want mijn oog en cameralens werden meteen getrokken naar een aantal insekten op de plantjes en een vriend wees me op een jonge Sabelsprinkhaan (ik geloof dat ie er nog bij zei dat het een vrouwtje was) en nog voordat ik mijn camera in de aanslag kon brengen was ie alweer weg helaas. Die vriend wees em me nog aan en toen zag ik ineens een ander Insekt dat wat minder hectisch was qua gedrag en daar wist ik dus bovenstaande foto van te maken.


Die zat op het blad van een of andere soort Zuring plant. Straks nog een uitsnede van de foto die het beest in meer detail toont.

zaterdag 24 mei 2008


NOG EEN ONBEKENDE LIS


Deze plant trof ik ook nog aan in de tuin van diezelfde vriend, zeer in de nabijheid van zijn vijvertje. Ik beperk met tot deze closeup van de bloem waaruit overduidelijk blijkt dat het ook weer een Lis (Latijns-wetenschappelijk: Iris) is.

De bladeren zijn hetzelfde als die van de Gele Lis en dat zijn dus niet de bladeren die je op deze foto ziet, want dat zijn weer bladeren van een exotisch gras, riet of bamboesoort dat er pal naast staat.

De enige die in Nederland echt autochtoon is is de Gele Lis waarover ik nog niet zolang geleden enkele berichten met foto's plaatste. Daarna dook er weer eentje op in Schagen met andere kleuren bloemen en waarvan ik vermoedde dat het een verwilderde cultivar is.

De eigenaar van de tuin beweerde dat deze ook in het wild voorkomt maar dan wil ik toch nogmaals hameren op het verschil tussen in het wild groeiend (inheems) en autochtoon. Bij navraag bij die vriend zei ie ook dat dat plant al in de tuin stond toen er kwam wonen, dus daarmee komen we ook niet verder :)

Ik heb zowel online als in enkele boeken die ik over inheemse planten heb nog eens verder gezocht en in 1 van de boeken kom ik wel een inheemse Lis tegen die vele kleuren kan hebben waaronder ook deze lila kleur en die het de Dwerglis en is inderdaad een verwilderde cultivar maar zoals de naam al aangeeft is die veel kleiner, die wordt maar 15 centimeter hoog en deze plant was veel hoger, zeker ook zo'n 50 a 70 centimeter.

Kwekers zijn dol op deze plant, die ikzelf eerder kitscherig vind en er worden tot op de dag van vandaag nieuwe cultivars van gekweekt en die sport zit em dan in het veranderen van de kleur van de bloem. Ikzelf zie daar allemaal de gein niet in (sorry heren en dames kwekers :().

Gisteravond nog zag ik op de BBC TV een programma over tuinplanten, gekoppeld aan een show en wedstrijd en ook daarin werd weer melding gemaakt van een splinternieuwe Iris, zeer recent gekweekt door een Fransman, en die had ook weer een net iets andere blauwachtige kleur.

Blijf er toch met je tengels van af wil ik vaak zeggen, het is je reinste genetische manipulatie / verminking en als het aankomt op genetische manipulatie van voedingsgewassen of die van diersoorten schreeuwt men ineens moord en brand en wordt het een aantasting van de ethiek genoemd. Ik kan er allemaal met mijn pet niet bij :(

JONGE SPINNETJES


Het laatste bericht van vandaag en ook weer gemaakt op 21 mei in diezelfde tuin van een vriend.

Nog superkleine Spinnetjes die toch al een web hebben. Dat web zit gesponnen vanaf een plant ernaast waar ook nog een soort nest zat waar nog meer van deze Spinnetjes zaten maar waarvan mijn foto is mislukt.

Het web liep vanaf daar naar deze stengel van een exotische Paardenstaartachtige plant die ook niet meer is als een stengel (althans zo lijkt het). Een familielid van de autochtone Holpijp (Equisetum Fluviatile) en Heermoes (Equisetum Arvense).

Ook dat vind ik al van jongsafaan fraaie planten, het zijn sporenplanten en qua oorspronh horen ze bij de oudste planten ter wereld, nog uit een tijd dat er geen Naald- en Loofbomen bestonden zoals we die nu kennen en zelfs voordat er Kruidachtige planten bestonden die in vakjargon weer Vaatplanten worden genoemd.

Paardenstaartachtigen zijn als sporenplanten o.a. verwant aan Varens en Mossen.

Uit fossiele vondsten is gebleken dat Paardenstaart achtigen vroeger zo groot waren als bomen en dat ze in grote wouden groeiden en wie weet daarover later nog eens meer, want ik dwaal af, want dit bericht gaat immers over de spinnetjes :)

Die waren bijzonder alert en zetten het op een rennen in hun web toen ik dichterbij kwam met de camera (op de foto zijn ze ook groter dan in werkelijkheid, ten minste als je op de foto geklikt hebt).

Ook toen die vriend met een vergrootglas aankwam om te kijken of ze misschien al een klein kruisje op hun rug hadden om te zien of het misschien jonge Kruisspinnetjes waren renden ze heen en weer.

DUIZENDBLAD


Hier de top van Duizendblad, ook een veel voorkomende autochtone plant. Deze staat nog in knop. Dat worden later witte (heel soms heel lichtroze) schermbloemetjes, dus hij hoort bij de Composietachtigen.

Qua naamgeving valt er nogal wat over te vertellen; dat de Nederlandse naam betrekking heeft op de fijnvertakte blaadjes die als aparte blaadjes werden gezien en zoals dat vroeger ging, als het veel was was het al gauw duizenden (v.g.l. de naamgeving van het insekt Duizendpoot).

Ook qua Latijns-wetenschappelijke naam, Achillea Millefolium, betekent dat laatste woord ook weer duizendbladig en de geslachtsnaam is weer afgeleid van Achilles (al weet ik daar verder de clou niet van).

In het Engels heeft de plant wel meer dan 10 namen, ik zal ze niet allemaal noemen.

Idem qua geneeskrachtige eigenschappen er aan werden (worden) toegekend.

GEWONE AGRIMONIE


Het kan haast niet op, ook dit is alweer een favoriete autochtone plant van me. Ik doel op de dubbelgeveerde bladeren. Hier nog vrij jong maar later schiet de plant de hoogte in en kan dan zowat een meter hoog worden.

Soms halen mensen em ook wel eens door elkaar met Boerenwormkruid vanwege de hoogte die beiden later krijgen en verder door die dubbelgeveerde bladeren en ze bloeien ook allebei met gele bloemen maar die bloemen verschillen behoorlijk, maar wel allebei geel van kleur.

Net als de Pimpernel, waar de bladeren ook wel wat op lijken, behoren ze Rozenfamilie.

Vroeger werd ie ook gebruikt als geneeskrachtige plant en zelfs als middel tegen het kwaad.

Tegenwoordig is ie best zeldzaam, eigenlijk al diverse decennia lang, en hij staat danook in zowel Nederlands als Belgie op de Rode Lijst (al bestaat daar in verschillende informatie bronnen weer tegenstrijdige verhalen over).

Gewone Agrimonie = Agrimonia Eupatoria.

KRUIPEND ZENEGROEN


Dit is ook weer een favoriet plantje van me en tot enkele jaren geleden tierde ie ook welig in mijn huidige tuin maar hij is er denk ik verdwenen omdat de hoek waarin ie groeide wat minder vochtig is geworden.

Het maffe van deze plant vind ik altijd dat het 1 van de weinige zoniet enige autochtone plant is die het woord GROEN in de naam heeft maar juist een enorme neiging heeft om purperkleurige bladeren te hebben, sommige exemplaren wat meer dan andere, en soms zijn alleen de bladranden purper van kleur (zie het wat grotere blad linksonder op de foto).

Ook het toegevoegde woord KRUIPEND is wat overdreven want hij plant zich wel voort via zijn wortels maar echte uitlopers zoals andere kruipende planten zoals Hondsdraf of Vijfvingerkruid zijn mij er toch nooit aan opgevallen.

Deze exemplaren zijn ook alweer uitgebloeid. Het zijn Lipbloemigen en als ze bloeien zijn de bloemen purperachtig blauw van kleur. Het plantje als geheel wordt vaak niet veel hoger dan zo'n 15 centimeter.

Kruipend Zenegroen = Ajuga Reptans.

KLEINE PIMPERNEL


Afgelopen woensdagmiddag 21 mei was ik ook nog bij een vriend in de wijk Deuteren, dicht in de buurt bij het Westerpark. Hij heeft een beetje een tuin zoals ik die lang geleden zelf ook had. Best netjes verzorgd en ingericht, en met zowel sierplanten als autochtone planten, precies zoals ik het graag zie. Ik kon dus mijn hart ophalen en heb er een aantal foto's gemaakt die ik nu in een serie plaats.

Van de Pimpernel bestaan 2 soorten die autochtoon zijn, de Kleine en de Grote. De Kleine staat op de Rode Lijst in Nederland en de Grote staat in Belgie op de Rode Lijst en is in Nederland weer wettelijk beschermd. Beiden zijn in het wild in ieder geval vrij zeldzaam.

Vanwege het fraaie uiterlijk worden ze intussen ook al verkocht als sierplanten voor in de tuin.

De exemplaren op de foto zijn net uitgebloeid, maar het zaad likt qua vorm nog wel wat op de bloemen waar dan rozerode langwerpige bloemblaadjes aan zitten.

Ik meen dat die vriend ook vertelde dat de Grote Pimpernel in het Westerpark groeit maar dat ie net in de afgelopen dagen was afgemaaid.

Kleine Pimpernel = Sanguisorba Minor

vrijdag 23 mei 2008


JONGE MEREL IN TUIN

Ik vergat het haast nog te melden maar vanmiddag toen ik vanuit mijn keukendeur de tuin instapte hoorde en zag ik iets ritselen tussen de dichte maar niet al te hoge planten begroeiing.

Het was verdekt onder de bladeren en kon het dus niet zien, maar de beweging onder de bladeren leek me iets huppelends te zijn dus dacht ik ff aan een grote Kikker en daar hoopte ik ook op.

Toen ik me wat tussen de planten begaf en het dier naar een donkere plek ging waar de planten minder hoog zijn zag ik dat het een jonge bruine Merel was. Zoeen die uit het nest is gekropen met het voornemen pogingen tot vliegen te doen maar als een baksteen op de grond komt en het maar niet wilt lukken om te vliegen en alleen wat kan rondhuppelen.

Ze zijn dan een zeer gemakkelijke prooi voor Katten dus maar goed dat ik toch maar geen Kat heb aangeschaft.

Ik heb bij mijn weten geen Merelnest ik mijn tuin gehad of het moet wel heel verborgen zijn geweest en al zijn er volop van zulke plekjes in de tuin heb ik toch niet eerder iets gezien.

En voor zover ik weet kunnen jonge Merels best wel van de ene tuin toch in een andere tuin terechtkomen zonder te vliegen, vraag me niet hoe maar ik heb het elders wel eens eerder meegemaakt.

WET BESCHERMDE PLANTEN

Laatst al meldde ik dat ik in verband met de wettelijke beschermde Orchissen in het Westerpark een email gestuurd had aan een beleidsmedewerker van de Brabantse Milieu Federatie met de vraag of nieuwbouw plannen de Orhissen in gevaar zou kunnen brengen en hoe de procedure is die toegepast moeten worden. Intussen heb ik een antwoord gekregen dat als volgt luidt:

De Gevlekte Orchis staat op Tabel 2 van de Flora- en Faunawet. Dit betekent dat ie beperkt beschermd is. Voor activiteiten die niet vallen onder "bestendig beheer of onderhoud" is een ontheffing nodig die door de initiatiefnemer aangevraagd moet worden bij de Dienst Regelingen van LNV.

De geplande nieuwbouw is dus ontheffingsplichtig. Bij soorten uit Tabel 2 volgt voorafgaand aan de ontheffing een zgn. "lichte toets". De ontheffingsaanvraag wordt hierbij getoetst aan het criterium "doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort". M.a.w. de werkzaamheden mogen het voortbestaan van de soort niet in gevaar brengen. Is dit wel het geval, dan kan geen ontheffing gegeven worden.

BLAASSILENE (Deel 2)


Zo zien de aparte bloemetjes van de Blaassilene er van dichtbij uit.

Als je de foto bekijkt als je er op geklikt hebt, zie je de bloemen groter dan ze in werkelijkheid zijn.

De bolheid verklaart de Nederlandstalige naam maar er is ook een verhaal uit de Griekse mythologie dat een en ander verklaart: De naam Silene komt van Silenus, de Griekse vader der Silenen, die met een dikke buik, dronken en rijdend op een Ezel werd afgebeeld.

BLAASSILENE (Deel 1)


Ik noemde em al in het vorige bericht, de Blaassilene, een broertje van de Koekoeksbloemen.

Ook deze is erg fraai, haast bijna te mooi :) Voor mij was het de eerste keer dat ik em in het echt zag.

Blaassilene = Silene Vulgaris.

Vulgaris betekent gewoon. Maar ik kan em niet de meest gewoon uitziende van deze familie of geslacht vinden.


ECHTE KOEKOEKSBLOEM



Ook had ik het aan de hand van jonge plantjes laatst al geopperd dat de plant van een foto van toen een lid van de familie der Silenes (Anjer familie) zou zijn en twijfelde toen tussen Dagkoekoeksbloem en Blaassilene.

Nu blijkt dat er inderdaad een Koekoeksbloem staat en wel de Echte Koekoeksbloem. Die heeft vergeleken met de Avondskoekoeksbloem ingesneden bloemblaadjes.

Echte Koekoeksbloem = Silene Flos-cuculi (of Lychnis Flos-cuculi).

GROTE RATELAAR IN BLOEI


Deze plant vind ik minstens even mooi als de Orchissen.

En ook deze is wettelijk beschermd. (Zie reactie.)

Laatst had ik em ook al als klein plantje gefotografeerd en had em toen bijna aangezien voor een ander plantensoort. Nu ik em eenmaal ken in diverse hoedanigheden zal ik em niet meer snel vergeten.

Deze Grote Ratelaar is nu volop in bloei en er staan er best veel.

De plant behoort bij de familie der Helmkruidachtigen.

Grote Ratelaar = Rhinanthus Angustifolius (of Rhinanthus Serotinus).

BLOEM GEVLEKTE ORCHIS


Het kan haast niet missen dat dit een bloem van de Gevlekte Orchis is want dat soort heeft zowel vlekken op de bloemen als op de bladeren.

Op deze foto kan je die bladeren weliswaar niet zien maar ik heb het wel zelf gezien dat de bladeren ervan gevlekt zijn.

Gevlekte Orchis = Dactylorhiza Maculata.

GEVLEKTE ORCHIS IN KNOP (?)


Dit moet dan haast wel een Gevlekte Orchis in knop zijn.

ORCHIS KNOP ?


Afgelopen woensdagmiddag 21 mei ben ik weer in het Westerpark geweest om te kijken of de Orchissen al bloeiden.

En ook om nog naar andere planten te kijken waarvan ik vermoedde dat die intussen ook zouden bloeien.

Ik vermoed dat dit de knop is van een nog niet bloeiende maar de bladeren zijn niet gevlekt zoals die op de foto's van een poosje terug.

Toch heb ik ook een foto van eentje die wel gevlekte bladeren heeft (zie volgende bericht) en waar ook zo'n vlammetjes- / kegel-achtig geval bovenin zit. Misschien is er sprake van twee verschillende soorten.

donderdag 22 mei 2008


ZWAMMEN OP STAM KRULWILG


Wat me het meest fascineerde waren de in mootjes gezaagde stukken van de stam van die Krulwilg waarover ik zojuist schreef dat er op de stronk van de stam alweer uitlopers groeien.

Wilgen (in alle soorten) zijn taai en stug (al is het hout erg zacht en slap, daarom waaien ze zo vaak om) en weten zich altijd wel weer te herstelllen of te zorgen voor een biotoop voor andere organismes.

Dit was een stapel van meer dan een meter hoog van mootjes van die vroegere stam. Best indrukwekkend om te zien liggen.

Sommigen hoor ik al denken dat daar een mooi fikkie van gestookt kan worden of er anders mooie gebriksvoorwerpen of zelf meubels van gemaakt kunnen worden. Allemaal waar maar ik zou toch willen pleiten om het zo te laten als het IS. Niet alleen maar vanwege de schoonheid maar ook als bijdrage aan de wereldvrede.

De Zwammen die op het zaagvlak van deze stam groeien zijn intussen zelf ook alweer afgestorven exemplaren van de Paarse Korstzwam die als ie nog leeft de meest fantastischte purper sckakeringen kan hebben waarvan An vorige najaar al prachtige foto's voor de blog maakte.

De gebarsten boomschors rondom de dooie boomstam doet me haast fantaseren dat dit de uitvinder van rupsvoertuigen heeft geinspireerd.

Paarse Korstzwam = Trifolium Repens

TAKJES OP KRULWILG STRONK


Ik schreef zoeven over het ruderaal terrein aan de Havensingel en dat een goede bekende die daar recht van overpad heeft me daar toeliet en die persoon houdt daar een soort kantoor in een pandje dat ze zelf opknappen en met welke organisatie ik sympathieen heb.
Alles is daar oud en verweerd en vervallen en veel mensen doen hun best het weer op te kalefateren tot iets wat .....

Er is dus ook een "achter", een tuin kan ik het amper noemen, het is ook een decennia's oude verwaarloosde plek op een zeer oud industriegebieje dat aan van alles en nog wat grenst. Ik mocht er rondkijken en foto's maken (wat ik al een hele eer vond) en vaak stuit je juist daar op de meest interessante dingen waar geen beschermd natuurgebied tegenop kan.

Wat me er meteen heel erg opviel was een omgezaagde boom waarvan alleen nog een paar centimeter boven de grond uitstekende boomstronk stond die nog niet dood was en waaraan weer takken uitliepen die ik meteen herkende als de takken van een Krulwilg.

Ook deze was jaren geleden omgewaaid en afgezaagd en daarvoor heb ik wel een zeker soort fascinatie omdat precies hetzelfde in mijn tuin is gebeurd ruim 15 jaar geleden, maar die stron heeft nooit meer uitlopende takjes op de stronk gekregen.

Dezelfde boomsoort had ook An in de tuin maar die is dermate gesnoeid dat ie dood is en nu begroeit met Zwammen, en ook zag ik enkele weken geleden op een paar 100 meter afstand van waar mijn zus woont een fraaie wat oudere Krulwilg staan maar had toen geen camera bij me, maar een foto daarvan krijg je de komende tijd vast ook nog wel te zien.

WITTE KLAVER


Dit veldje van Witte Klavers vond ik ook weer afgelopen maandag op datzelfde ruderaal terreintje hoewel dit niet echt een plant is die typisch in dat soort biotoop is.

Wel een plantje dat zeer zeker mijn sympathie heeft en zeer nauw verwant is aan de Rode Klaver. Behalve wat btreft de kleur van de bloemen is ie qua eigenschappen vrijwel identiek aan de Rode Klaver waar ik al eerder over schreef.

Alleen heb ik qua persoonlijke observatie de indruk dat je de Rode wat vaker ziet dan de Witte maar dat kan natuurlijk ook aan mij liggen. In ieder geval deed het me wel goed om na jaren de Witte Klaver weer eens zo uitbundig te zien bloeien.

Er bestaan heel veel soorten Klavers maar deze 2 soorten zijn het bekendst en hebben de grootste bladeren en bloemen waar ook veel nectar in zit en dus door allerlei insekten druk bezocht worden.

ONBEKENDE PLANT 2 (deel 2)


Zoals ik in het vorige bericht al aankondigde hier een meer closeup opname van de bloemen van de onbekende plant van de vorige foto.

ONBEKENDE PLANT 2

(Op hetzelfde ruderaal terrein)


Hoezo onbekende plant hoor ik sommigen al denken ?

Is dit dan niet een nog laat bloeiende Paardenbloem ?

Nee !

Het is zeer zeker een aanverwante plant van de Composieten familie, dat wel.

Ik vermoed dat het 1 van de soorten is die Streepzaad worden genoemd maar om het zeker te weten zou ik em aan de hand van de bladeren moeten determineren en zodra ik weer toegang tot dat terreintje heb zal ik zeker eens een poging wagen.

Bij het volgende bericht een meer closeup foto van de bloemen.

TYPISCH RUDERAAL TERREIN

(Onbekende plant 1)


Afgelopen maandagmiddag 19 mei was ik op een ruderaal terreintje aan de Havensingel hier vlakbij. Een ruderaal terrein is een vakterm van o.a. biologen dat een biotoop aangeeft waar bepaalde plantensoorten graag groeien.

Het zijn vaak terreinen die vroeger voor menselijke activiteiten zijn gebruikt en in onbruik en verval zijn geraakt en waar de natuur het weer overneemt.

Vaak zijn ruderaal terreinen ook plekken waar veel puin of beton resten liggen, of met oude verweerde muren met barsten en kieren erin. Daar groeien nogal eens zeer specifieke planten maar ook hele gewone, maar dat soort biotoop vind ik toch een erg interessant fenomeen, waar ik zeer zeker later nog eens op terugkom.

Nu even over dat terreintje hier, er staan stalen hekken omheen en het zat altijd op slot en ik fiets er al jaren langs en vond het er altijd al lekker verwilderd uitzien. Jarenlang hebben er oude autowrakken gestaan om afgevoerd te worden naar een autosloperij.

Sinds enige tijd ken ik iemand die er nu recht van overpad heeft dus kon ik er eens wat rondneuzen en inderdaad ligt het min of meer vol met puin waar weer aarde en humus overheen is gekomen in de loop der jaren en de planten doen het er erg goed.

De plant op de foto zou je haast kunnen bestempelen als 1 van de lelijkste soorten in onze contreien, maar zoals met zoveel grenst het foeilelijke ook weer aan het beeldschone, ook over die opvatting de komende dagen meer.

De plant doet me in de verte denken aan de soorten die Raketten worden genoemd en het zal er zeer zeker familie van zijn en aan de bloemen te zien is het zeer zeker een lid van de familie der Kruisbloemigen.

VOS GEZIEN

(Maar helaas niet op foto)

Gisteren had ik maar tijd voor 1 bericht want ik ben een groot deel van de dag op pad naar natuur langs en in de westzijde van 's-Hertogenbosch.

In de avond, voor de schemering, zo rond 21 uur, heb ik voor het eerst in mijn leven in het wild een Vos gezien. Het was in het Gement gebied tussen het zuidoosten van de stad en de gemeente Vught, het is daar veel grasland en daar ook zagen we de Vos in een pas gemaaid weiland. We stonden al een tijdje te kijken en ineens stak ie razendsnel en ook springend het veld over. Langer dan 2 seconden ofzo zag ik em niet want hij dook meteen weer een bebosd struweeltje in. Het ging zo snel dat je je amper realiseert wat je ziet en het was door de lange heen en weer vliegende staart dat ik in de gaten had dat ik een Vos zag.

Degene die me mee had genomen naar de plek had de Vos gisteren al gefotografeerd toen de Vos em amper in de gaten had, 3 foto's daarvan staan in een dia show op de header van http://www.deuteren.nl/

Mijn gids vertelde me dat Vossen een territorium van een kilometer hebben en er schijnen er zelfs zoveel in de Gement te zitten dat er op gejaagd mag gaan worden en dat vinden we belachelijk want het ouwe verhaal dat ze Kippen stelen op boerderijen stamt uit het jaar 0 want de tegenwoordige kippen zitten met 100.000en in kippenfarms. Andere bebouwing is er ook amper in dat gebied.

In de Gement zijn ook nog 2 Eendenkooien, misschien dat ik daar in de toekomst ook nog eens mag kijken van de Kooiker.

Vlak er tegenaan ligt ook het Rijskampen gebied dat eigendom is van Natuurmonumenten en dat een stiltegebied voor dieren en het is verboden terrein.

En vlak daarbij heb je dan ook nog de Moerputten en dat is weer van Staatsbosbeheer, zie waar het nogal Ooijbos en moerasachtig is.

De Rijskampen en De Gement zijn in feite graslanden. En daar kan je ook wel eens Reeen zien.

Door De Gement is wel na jaren van protest een snelweg gepland om het doorgaande grote verkeer in de binnenstad (dat dagelijks files oplevert) te ontlasten.

Over het gebied en die randweg is meer te vinden op:
Over het bebied zelf:
http://www.s-hertogenbosch.nl/content.cfm?contentid=101DEE9F-8021-0F65-0B6496C1D2E5CD60
http://nl.wikipedia.org/wiki/Gement_(Vught)
Over die randweg:
http://home.wanadoo.nl/~fietsersbond.ht/geen%20cement.htm
http://www.bastion-oranje.nl/Randweg.htm

LAAT OP DE AVOND NOG WAT BERICHTEN

woensdag 21 mei 2008


WITTE WATERLELIE


Hierbij nog een foto van een waterplant uit een van de vele slootjes in de wijk Muggenburg in Schagen die An ook afgelopen weekend maakte en me toestuurde.

Ik was de foto haast vergeten maar dat maakt zowel de plant als de foto er niet minder mooi op dus hierbij alsnog.

An vroeg me of het niet dezelfde waterplant was die het ook zo goed deed in de gracht rondom de kerk in mijn geboortedorp waar zij nogal eens logeerde. Het antwoord is eigenlijk een gecombineerd ja en nee. Laat me het uitleggen: :)

De plant op de foto groeit hier ook volop in de riviertjes de Aa en de Stadsdommel maar qua bladeren van dit soort waterplanten halen veel mensen 2 soorten door elkaar en begrijpelijk ook, want de bladeren ervan lijken sprekend op elkaar.

De plant op deze foto is de Witte Waterlelie, zowel een autochtone plant alsook te koop als vijverplant. Al heeft ie wel het liefst water dat op zijn minst een beetje stroomt. In Nederland is ie nog vrij algemeen, in Vlaanderen beschermd en in Wallonie staat ie zelfs op de Rode Lijst. Je kan em pas echt herkennen als ie bloeit, dus aan de bloemen en het is een broertje of zusje van het plantengeslacht wat in Azie en vooral bij de Boeddisten en Hindoeisten de heilige en vereerde Lotusbloem is.

De waterplant die er qua bladeren enorm op lijkt en vaak groeien ze ook vlak bij elkaar is de Gele Plomp. Je ziet het verschil alleen aan de bloemen en er is slechts een korte overlap qua bloeiperiode. Vergelijk ze maar eens qua bladeren en bloemen. Afgelopen zondagmiddag zag ik enkele van dergelijke bladeren ook drijven op de Stadsdommel maar die bloeiden nog niet en weet dus nog niet wat dat was, ik ben bang de veel algemener Gele Plomp.

Als ze ergens samen groeien, en dat is vaak het geval, is het meestal 90 % van die Gele Plomp en de rest Witte Waterlelie.


http://wilde-planten.nl/witte%20waterlelie.htm
en
http://wilde-planten.nl/gele%20plomp.htm

Let ook op de zeldzaamheid van blijkbaar allebei de soorten in Belgie en zelfs Zeeland.

Ik zal hier ook een oogje in het zeil houden, dus wie weet volgen er meer berichten want over deze waterplanten valt zeker ook nog meer te vertellen.

Witte Waterlelie = Nymphaea Alba
Gele Plomp = Nuphar Lutea

N.B. Ondanks de verschillende geslachtsnamen van beide planten zijn ze wel degelijk verwant en behorend tot dezelfde plantenfamilie.

dinsdag 20 mei 2008


ESDOORN (Deel 2)

(SOORT GEDETERMINEERD)

Meteen maar het woord bij de daad gevoegd qua onderzoek naar het soort Esdoorn uit het vorige bericht. Ik ben eerder vanavond teruggeweest naar de locatie van de boom en er lagen 100en zoniet duizenden gevleugelde vruchtjes onder de boom. Ik heb er een heel aantal van mee naar huis genomen en hoop ze morgen of overmorgen te fotograferen.

Het valt toch vies tegen om aan de hand van die zaden het soort te determineren, omdat ik er noch online, noch in de boeken die ik heb accurate info per soort over kan vinden. Online best wel veel foto's van die dingen, maar niet gekoppeld aan bepaalde soorten of duidelijke omschrijvingen.

Wel heb ik een van die blaadjes die te zien waren op de vorige foto mee naar huis genomen om ook op basis van de vorm van de bladeren het soort te bepalen en daarbij mom ik uit op de Zilveresdoorn of de Witte Esdoorn. Dat is een boom die van origine uit Oostelijk Amerika komt.

Die naam ontleent ie aan het feit dat de wat oudere bladeren aan de onderkant een witte zoniet zilverachtige kleur / kleurzweem hebben. Daar zal ik ook eens op letten als ik een volgroeid blad te pakken krijg.


Doorslaggevend vond ik de omschrijving van de bladeren die 5 lobben hebben en waarbij aan iedere lob weer zaagtanden zitten. Ook een foto van de stam / bast / schors wijst in dezelfde richting.

Voor de bladeren vergelijk met:
http://www.bomengids.nl/soorten/Witte_esdoorn__Acer_sacharinum__Silver_maple.html en
http://nl.wikipedia.org/wiki/Afbeelding:Acer-saccharinum-leaves.JPG
Voor de boombast vergelijk met:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Afbeelding:Acer_saccharinum_textura_del_tronco.jpg

Zilveresdoorn = Acer Saccharinum (of Acer Dasycarpum)

ESDOORN (Deel 1)

(Blaadjes aan de stam)



Hier een boomstam waarop blaadjes groeien. Er staat een hele rij van dergelijke vrij grote bomen langs de Havensingel.

Het gaat me om de op de stam groeiende blaadjes want bij diverse boomsoorten groeien de bladeren niet alleen aan de takken maar ook rechtstreeks uit de stam. Dat is iets waar ik het al langer over wilde hebben.

Ook bij Linde bomen zie je het veel, daar groeien de blaadjes dan helemaal onderaan de voet. Van een aantal soorten bomen zal ik daar in de nabije toekomst ook eens foto's van maken.

Gesproken over Lindes, ik zag vanmiddag dat die ook al bloesems hebben waar je overigens ook thee van kan maken, (zelf plukken maar het is ook te koop en in Frankrijk nogal geliefd). Die thee is zelfs behoorlijk slaapverwekkend.

Maar terugkomend op DEZE boom, dat is een Esdoorn soort, wat ik zie aan de blaadjes zelf maar ook kon afleiden uit de verdorde vleugelzaadjes die onder de boom lagen.

Ik ben vergeten naar die zaadjes te kijken en daarom kan ik em niet specificeren qua soort maar ik weet wel welke soorten het niet zijn. Dus gewoon nog eens gaan kijken naar die zaadjes :)

GEDRAAIDE BOOMSTAM


Nog foto van afgelopen zondag van langs de Stadsdommel.

Welk soort boom het is heb ik eigenlijk niet zo op gelet, ik denk een of ander Wilg maar zeker geen Treurwilg, zoals er daar zoveel staan.

Waar het me deze foto om gaat is de rare draaiing onderaan aan de stam. Zoiets had ik nog nooit gezien, ik vind het er zeer raar uitzien maar de oorzaak ervan zal wel een raadsel blijven, al vermoed ik dat het wel op natuurlijke wijze is ontstaan en dat het niet door mensenhanden komt.

N.B. De donkerte van de foto komt door de grote kroon van de boom zelf.

HONDSDRAF


Een van mijn absoluut favoriete plantjes, de kruiper Hondsdraf die lange uitlopers maakt en om de zoveel afstand een worteltje aan zijn kruipende stengel vormt. Hij is zeer laag en alleen als ie gaat bloeien maakt ie voor de bloemen omhoog komende stengeltjes. Qua familie behoort ie bij de Lipbloemigen.

Die bloemetjes worden blauwpaars en ook de bladeren hebben de neiging soms wat paarsachtig te worden maar in welke omstandigheden weet ik niet. Misschien bij bepaald licht hoewel ie zowel schaduw als licht verdraagt.

Deze vond ik op een schaduw plek. Onder een grote Treurwilg op de eerder omschreven plek langs de Stadsdommel waar de straat Havensingel heet (het doodlopende stuk ervan). Onder die Treurwilg is het haast een soort kapelletje / koepeltje omdat de takken tot op de grond hangen. Nadat ik de takken opzij had geduwd kom je dan ineens van fel daglicht in een donkere ruimte. An sich al een leuk effect. Veel groeit daaronder niet maar dus wel dit plantje, precies op de grens van fel licht en schaduw.

Het is echt een klein plantje, als je op de aangeklikte vergroting kijkt zie je em dus groter dan ie in werkelijkheid is. De blaadjes zijn maar 1 - 2 centimeter groot.

Jaren geleden had ik em ook in mijn tuin, em er zelf geplant, omdat ik em zo mooi vond. Slaat ie echt aan dan kan ie zelfs hele tapijten vormen. Maar hier sloeg ie dus niet echt aan, want na enkele jaren is ie verdwenen, om mij onbekende reden.

Qua wetenswaardigheden las ik dat ie ook een anti Brandnetel effect heeft maar dat wordt over zoveel planten gezegd (ook van Weegbree en Zuring) dat ik daar flink sceptisch over ben geworden.

En verder zou ie vroeger vanwege zijn bittere smaak gebruikt zijn bij het bierbrouwen. Tegenwoordig wordt daar Hop voor gebruikt, niet alleen vanwege de bittere smaak maar ook als natuurlijk conserverende stof.

Nog een plant die vroeger, voor de Hop, gebruikt werd bij bierbrouwen was de Gagel die her en der nog wel voorkomt in met name Brabant, maar ik heb die zelf nooit gezien. Hij staat wel op de Rode Lijst maar super zeldzaam is ie ook weer niet, dus ik hoop em nog eens tegen te komen.

Aan deze ooit belangrijke plant, hij werd ook gebuikt bij de leerlooierij, is ook de naam Gageldonk ontleend. Dat is een Brabantse familienaam maar er zijn her en der in Brabant ook wijken en straten die zo heten. Een donk is dan weer een hogere plaats in een moeras, vaak zandplaten in vroegere rivieren, of nu anders stromende rivieren, maar nu dwaal ik echt af :)

WINDE (MAAR WELK SOORT ?)


Ook gevonden op dezelfde plek en dag als de plant in het vorige bericht.

Of het Haagwinde of Akkerwinde is durf ik nu niet te zeggen, daarvoor zou ik terug moeten en em beter bekijken. De verschillen zijn vrij miniem, er is vooral een klein verschil in de vorm van de bladeren. De kleur van de bloemen (die nog moeten komen) geven ook niet echt uitsluitsel.

Beide soorten zijn hardnekkige woekeraar die zich verspreiden via hun wortelstelsel. Ook zijn het allebei kruipers EN klimmers.

Vroeger in de tuin in Zeeland zaten ze jaar in jaar uit in een Ligusterheg en was daar zo'n woekeraar dat pa em er ieder jaar enkele keren uittrok en dan kwamen er vaak erg lang stengels uit die vaak ook afbraken en ie gewoon weer doorgroeiden. Ik vond het verwijderen maar niks want ik vond het een erg leuke plant. Ook de bloemen vond ik best mooi en daarvan kunnen er heel veel inkomen en die bloeien maar 1 dag en ga bij het invallen van de duisternis of bij regen dicht.

Ze hechten zich aan alles wat ze maar tegenkomen door zich er omheen te winden, vandaar ook de naam Winde en ook de Latijns-wetenschappelijk familienaam voor de Windeachtigen (Convolvulaceae) is afgeleid van het Latijnse woord convolvere, wat rondwinden of verstrikken betekent.

In Zeeuws dialect heet ie Bewinde maar ook in diverse andere dialecten heeft ie allerlei andere namen.

Daar langs de Stadsdommel waren het nog vrij jonge exemplaren en ik zag er diverse die zich helemaal rondom de stengels van grotere grassoorten hadden gewikkeld, maar dat kreeg ik niet goed gefotografeerd, dus vandaar dit min of meer nog liggende exemplaar.

Haagwinde = Convolvulus Sepium (of Calystegia Sepium)
Akkerwinde = Convolvulus Arvensis